Author Archive

biologie

Wolven

…steeds dichter bij Nederland

Popularity: 1% [?]

fijne sprekers, ant on the beach, kennis, waarneming, psychologie

Daniel Coffeen’s Podcast: College over Merleau-Ponty

Merleau-Ponty: The Seer is Seen

danielcoffeen’s Podcast


Popularity: 2% [?]

kunst

world press photo

Ik vond deze wel mooi:

Popularity: 3% [?]

websites, human technology

Jazz Standards en Youtube (2)

Het bleek dat als je op ‘afspeellijsten’ klikt, dat er dan wel degelijk enorm veel lijsten met ‘jazz standards’ zijn. In het eerste scherm van de resultatenlijst echter, zie je er maar twee. Daarboven staan een paar losse video’s, en daaronder ook weer losse video’s. Ik snap die interface keuze niet, van youtube.

Maar misschien snap jij weer niet, waar ik het in godsnaam over heb.

Laat ik iets anders zeggen: ik dacht ooit, dat YouTube een website was waar je filmpjes op kon zetten en filmpjes van anderen kon bekijken. Meestal van dromerige studenten die met een gitaar in hand een zelfbedacht liedje ten gehore brachten.

Nee hoor.

Youtube is een jukebox. Een soort radio, met themazenders. Ik ken al meerdere mensen die de radio of cd-speler bijna niet meer gebruiken: hun muziek komt uit Youtube.

Popularity: 3% [?]

Uncategorized

Jazz Standards

Als ik in YouTube “Jazz Standards” intypte kreeg ik nooit wat ik eigenlijk wilde.

Ik heb nu zelf maar een lijst aangelegd. Toevoegingen welkom!

Popularity: 3% [?]

ant on the beach, brein, psychologie

Michael Tomassello: The co-operative communication of human beings

Popularity: 4% [?]

observaties

Aan de stadse kant

Wat je niet terug ziet op Google Streetview (zie vorige post):

Ik  ben met Mirjam’s fiets op weg gegaan naar het gemeentedepot. Dat is aan de kanaalweg, en die is net voorbij de Balijenbrug onderaan de Balijenlaan. En dat is in Utrecht. En ik fietste over de Balijenbrug, stak midden op de brug over naar de andere zijde, en keek over de rand van de brugleuning naar beneden, want daar moest ik naar toe. Ik was van plan om via het voetgangerstrapje naar beneden te gaan, want er was ook een fietsgoot.

Toen zag ik hem liggen. Een man, al wat ouder, achter in de zestig schatte ik hem later, lag voorover op de grond op een grasveld. Omdat ik bijna loodrecht van boven op hem neerkeek vormde het een surrealistisch decor. Op het moment dat ik hem zag begon hij te bewegen en te kreunen. Ik parkeerde snel mijn fiets (wel op slot zetten, bedacht ik me nog) en ging het trapje af. De man was er slecht aan toe. Zijn gezicht zat onder het bloed en hij brabbelde onsamenhangend. Hij kon ook niet goed overeind komen, bleef een tijd op zijn knieeen zitten en ging toen staan terwijl hij met beide handen een boom stevig vasthield.

Het was mijnheer P. en hij was gevallen. Hij kwam van ‘daar’, waarbij hij vaag achter zich wees naar een industrieterreintje. En het ging niet goed met hem. Ik zei: “Ik ga de ambulance bellen” en toetste 112 in op mijn mobiele telefoon. Er flitste door mijn hoofd: zou dat werken? 112 op een mobiele telefoon? Rare gedachte. Het werkte. Achteraf vind ik, dat ik dan wel heel zakelijk en resoluut heb gehandeld - maar daardoor wat minder empatisch op mijnheer P. heb gereageerd. Gelukkig was daar de boom om hem staande te houden. En gelukkig kwam er nog iemand aangefietst, een vrouw van mijn leeftijd, die stopte om te komen helpen.

Jelle deed de communicatie met de alarmcentrale. Marleen zorgde voor mijnheer P., zij spoelde zijn gezicht en handen met water en bracht hem naar het trapje, waar hij ging zitten. Er was direct een taakverdeling. We waren, voor een klein moment, een geolied team.

Het vroor en er stond een waterig zonnetje. Er was haast geen verkeer op de brug boven ons. Er hing even een stilte in de lucht.

De ambulance kwam over de Balijenlaan aanrijden met gillende sirene, en ik dirigeerde hen staand bovenaan het trapje naast Mirjam’s fiets met een zwaarwichtig gevoel voor verantwoordelijkheid en duidelijke armgebaren naar de plaats des onheils. De broeders leken niet direct onder de indruk van de ernst van de situatie, wat in mij een ambivalent gevoel opriep: “Nemen zij dit wel serieus?” versus “Het valt blijkbaar allemaal wel mee met mijnheer P.” Dat laatste bleek - gelukkig maar- ook het geval te zijn. Mijnheer P. werd direct daarop opgehaald door zijn vrouw (die ik ook gebeld had). Zij was een vrouw met een grijsvale jas en dito kapsel, die met een enigszins vermoeide blik - en dito heupen - de brug opgeklommen kwam, vanaf de ’stadse kant’.

(De mevrouw van de alarmcentrale moest zowaar lachen toen ik dat zei: (”Onderaan de brug, en dan niet aan de ’stadse kant’ maar aan de andere kant”. Praat ik werkelijk platter Utrechts in noodsituaties?)

Haar man, zo vertelde Mevrouw P, enigszins verontschuldigend, was niet zozeer vanwege de val in de war; het ging al een tijdje niet zo goed met hem. Hij was daarvoor ‘onder behandeling in Zeist’, aldus mevrouw P. Zij was  in de veronderstelling dat haar man nu ook in Zeist was. In plaats daarvan vonden we hem dus terug aan de overkant van het kanaal, 100 meter van zijn woning, voorover liggend op de grond op een grasveld, tussen de platanen. “Ik was daar, bij de Praxis”, verklaarde hij. “En hier, ik moest rennen, ik had, ik denk … haast … ik weet niet”. Ze had heel wat met hem te stellen, zoveel was duidelijk. Arme mijnheer en mevrouw P.

Ik vervolgde mijn weg (zo schrijf je dat dan he, hij vervolgde zijn weg) naar het gemeentedepot.  Daar was mijn fiets niet. Ik kon er niet aan ontkomen dat ik bedacht: Maar toch niet voor niets hier naartoe gekomen. Wat natuurlijk onzin is. Want er was altijd wel iemand anders gekomen die 112 had gebeld.

Ik fietste terug over de Balijenbrug.

Eerst langs de ambulancebroeders, die in hun wagen met lampjes op een notitiebord de formulieren aan het invullen waren. De val van mijnheer P werd vertaald naar het juiste ziekenhuisjargon, geillustreerd met de nodige vinkjes in vakjes.

Daarna, even verderop, passeerde ik mevrouw en mijnheer P. Zij hielp hem voorzichtig van de trap af, op weg naar huis, in de Merwedestraat.

Aan de stadse kant.

Popularity: 4% [?]

discussie, geheugen, ethiek, dagelijkse ergernissen, websites, human technology, internet, maatschappij

Digitaal fietsen

Vandaag heb ik via Google Maps een adres opgezocht van het fietsendepot van de Gemeente Utrecht. Omdat ik nu ga kijken of mijn fiets toevallig gevonden is. Mijn fiets is namelijk uit mijn tuin gestolen. Small chance, ik weet het, maar goed.

Vervolgens heb ik de route laten berekenen (er is een optie: plan uw route, oid) vanaf mijn huisadres. In de linkerbalk krijg je dan alle aanwijzingen, en bij elke aanwijzing die je een klein fototoestelletje (als beschikbaar). Als je daarop klikt kom je in Google Streetview modus (je kan er vast ook direct naar toe maar zo kwam ik erop). Ik kan met een grote foto direct zien hoe een bepaalde straathoek er ook alweer uitziet, en waar ik dan naar toe moet, op dat punt. Enorm handig voor ons geheugen, dat meestal werkt met ‘landmarks’ en niet met een totale kaart in het hoofd. Je onthoudt: bij dat standbeeld rechts. En meer niet. Dat geheugen wordt nu ondersteund doordat je van te voren al het standbeeld kunt zien, en “waar je dan ook al weer heen moet als je daar eenmaal bent”.

(Gelukkig kan ik Mirjam’s fiets lenen, want het is 49 minuten lopen, zegt Google)

Maar toen begon ik door te klikken. Door telkens op de ronde cirkel die op straat verschijnt te dubbelklikken verplaats je je in deze 3D wereld. Je kunt de hele route al afleggen als je zou willen. Maar je mag ook van de route afwijken. Door op de vierkanten, die ook soms in beeld verschijnen, te dubbelklikken, zoom je in. Je kunt bij mensen naar binnen kijken. Je kunt zien of ze hun bovenraam hebben openstaan. Je kunt uitrekenen of je vanaf die plantenbak daar, via dat richeltje en die regenpijp naar binnen zou kunnen komen. Handig, als vooronderzoek, voordat je met je zwarte bivak en rugzakje op pad gaat. Je kunt ook mensen op straat zien, je kunt ze herkennen: hee, die was blijkbaar daar, in die straat, stapte net uit die drankenwinkel of coffeeshop naar buiten. Interessant.

Het zijn geen oude foto’s. De verbouwing aan de overkant is bij Google Streetview al bijna af. Dat is een paar maanden geleden, hooguit.

Je kunt ontzettend gluren en spieken en loeren, zonder dat iemand jou ziet. Dat is iets om over na te denken. Want dat was onze enige garantie op een beetje privacy: dat de rondneuzers van deze wereld het normaalgesproken niet de moeite vinden om helemaal naar jouw straat te fietsen en bij jou door de gordijnen te gaan gluren. Te koud, teveel gedoe. En teveel risico, want als zij in jouw straat komen gluren, kunnen ze zelf ook begluurd worden. Daar hoeven de gluurders nu niet meer bang voor te zijn.

Geen wonder dat mijn fiets is gestolen. De dief had hem waarschijnlijk allang zien staan in mijn achtertuin, en direct de beste vluchtroute al even geoefend.

Thanks, Google Streetview.

Popularity: 6% [?]

ant on the beach

On form and mechanism and the real Why (1)

Lately I see a very sharp distinction between form questions and mechanism questions in research. Then of course there are the ‘why does it happen in the first place’ questions but these can be categorized as either form or mechanism questions depending on your take on science (and life in general perhaps). (I will explain - wait a second).

The first kind of questions are descriptive questions asking about the form in which some phenomenon occurs.

“Given that people often misunderstand each other, how exactly does that look like? What happens when they misunderstand each other?” Observe lot’s of people misunderstanding each other, and try to ‘get a grip’ on that phenomenon. Or take your own personal experience as a starting point.

The second kind of question asks for a mechanism. It asks “what is a misunderstanding”. And the answer is then not what it looks like, but what it ‘really’ is. Like the yellow lightball in the sky is ‘really’ a big mass of nuclear fusion, called a sun.

I have the feeling that most people would hold that the first question is a ‘lesser’ form of science. Just see the sun-example: merely describing all the various ways in which this phenomenon might be ‘presenting itself to us’ might be an interesting excercise, but we still wouldn’t know ‘what the sun really is’.

But I seriously doubt that.

Perhaps it depends on the phenomenon. When it comes to suns, we want to know what they ‘really’ are. But when it comes, for instance, to research on the interaction between human beings and the technology that surrounds them, we particularly want to know ‘what it looks like’, what form it takes. This is perhaps because interaction *is* nothing else but a form, and so asking about the *mechanism* behind interaction would be asking the wrong kind of question.

But of course the scientists might disagree. Saying: well, if you *really* want to know about interaction, you would have to know how the brain works, the body, all the physical things in the universe, and how technology works, (what it is), and then you can … well, then you could “calculate” what form the interaction will take.

So the assumption seems to be that once you know the mechanism, there is nothing left to research with respect to the form questions, you can simply let a computer calculate all the possible forms, you put into the computer the starting conditions of some particular situation, and bingo, the form comes out.

But I seriously doubt that.

Now for the why question. Biologists sometimes say: there is no ‘why’, really, things just happen the way they happen ‘because’ this is the way the universe ‘works’. So people are here because they evolved, and they evolved because, well, that’s just what happens. You should understand if you know the mechanism of evolution.

But biologists still tend to talk carelessly as if answering ‘why’ questions.  They say: birds have wings *so* as to be able to fly. Or people have eyes *so* as to be able to see far ahead. But that is a very different kind of why. It is a why question that reduces the form question to the ‘mechanism’ question: the mechanism becomes the ‘because’ of the ‘why this form’? Why does the bird look like this? Because he has evolved to fly. Why is a polar bear white? Because he needs to be invisible in the snow. That leaves us still with the real ‘why’ question. The real why question is: why is it so? Why do we exist? If I say I want to be a good person, why do I want to be that? And if I say it is good to take care of those around me, why is that considered to be good? Some people resort to a religion in order to answer these questions. They say that God has decided so.

But I seriously doubt that.

Instead I think that this latter ‘why question’, the more interesting one, is ultimately going to be a form question (and in any case most definitely never a mechanism question). And it will therefore have to be answered by looking very carefully into the form of the phenomenon that you have a why-question about. But I also think that it is not good enough to merely ‘analyse’ forms. You have to actually create them, in order to get a grip on them. That is the nicest things about forms, they can be created, by you, or by me. They are not there, ready to be ‘picked up’ by some detection method. You make them. They It is called form-giving in Dutch, but you might also call it ‘design’. It is not something that God does, or evolution, it is what we do. It is not at all the same as creating mechanisms, because mechanisms cannot be created. Mechanisms can only be ‘implemented’, which is an altogether different thing. Understand me, if you build me a machine, aspects of it might be the implementation of a mechanism, but that doesn’t mean that engineers don’t ‘give form’. I think that the machine might also be an expression of form. Sometimes we don’t see it that way, because we stay ignorant, always asking mechanism-questions all the time. Anyhow, forms, not mechanisms, can be created. You may also call it: giving meaning. Or: making sense. Making sense is just as much generating knowledge as ‘analyzing the underlying mechanism’. I do not see why the latter has more to offer than the former. Instead, the opposite may be true.

But I really have to think about this some more (give some more form to it).

Popularity: 5% [?]

Uncategorized

Lost Seizoen 6

premiere event tuesday february 2nd 8/7c

Popularity: 5% [?]

Next »